
Een gesprek met.... Barend van Horssen
Actueel 51 keer gelezenVoorne aan Zee – Als vrijwilliger bij verenigingen en museum-organisaties is Barend onlosmakelijk verbonden met Hellevoetsluis. Hij was vrijwilliger bij tennisvereniging United Service, de watersportverenigingen van Hellevoetsluis en is nog steeds actief bij de Opruimers Hellevoetsluis. Door zijn liefde voor de geschiedenis raakte hij ook betrokken bij museumschip de Buffel en geeft hij rondleidingen in het Droogdok.
Barend van Horssen is geboren, zoals je dat in Scheveningen moet zeggen, op Scheveningen. Hij bracht zijn eerste jeugd door in een Den Haag in oorlogstijd. Barend vertelt: “Ik ben opgegroeid in een hecht en warm Christelijk gezin. Mijn Vader was in de oorlog in eerste instantie van de Arbeitseinsatz. Hij is uiteindelijk toch meegenomen en aan het werk gezet in de omgeving van Berlijn. Hij is in de hele oorlog één keer thuis geweest. Dan zou je denken dan blijf je toch thuis. Nou dat was niet zo want als je niet terugkwam werden je maten die nog daar waren afgeschoten. Die dag dat mijn vader plotseling een dag naar huis kwam ben ik nooit meer vergeten. We wandelden hand in hand door het Zuiderpark. De wilde rozen stonden in volle bloei en roken heerlijk. Ik weet nog hoe gelukkig ik me op dat moment voelde. Ik was ineens een kind dat even zonder angst kon ademen. Nog steeds als ik wilde rozen ruik, krijg ik dat geluksgevoel.”
Carrière
Als scheepsbouwkundige kwam Barend op de grote vaart terecht. Hij voer in die tijd de hele wereld over. Na zijn tijd op de vaart kwam Barend uiteindelijk aan wal. Daar werd hij meteen opgeroepen voor militaire dienst. “Ja, dat was lekker”, zegt Barend, “en dat was ook meteen voor 25 maanden. Na de dienst ben ik als proces engineer gaan werken bij Esso in de Botlek. Ik ben op een gegeven moment nog gaan werken bij de kunstmestfabriek Albatros. Daar voelde ik me helemaal niet op mijn plek. Ik zag na twee jaar een advertentie van Esso waar personeel werd gevraagd voor een nieuw te bouwen fabriek in Rozenburg. Ik werd nog gekeurd in het oude Essogebouw in Den Haag. Ik werd direct weer aangenomen en ben ook nooit meer weggegaan bij Esso. Door zijn werk bij Esso belandt Barend als vanzelf in het toen nog rustige Hellevoetsluis. Aan de Joost van den Vondellaan om precies te zijn. “Ik woonde in het allereerste huis dat daar werd opgeleverd en keek uit op een weiland met koeien.”, vertelt hij lachend. “Ik was dertig jaar toen ik Hellevoetsluis terecht kwam. Ik had eigenlijk geen idee waar ik terecht kwam en wist ook helemaal niets van de Vesting. Tot ik voor zes maanden terecht kwam in het Marine-hospitaal. Ik proefde de sfeer van de Vesting en was meteen verkocht. Toen ik de kans kreeg om een woning te kopen op de Westkade, greep ik dat met beide handen aan. Dat huis was net na de watersnoodramp gebouwd en was bedoeld als dominee-woning. Maar de dominee wilde daar helemaal niet gaan wonen. De gemeente is toen het huis maar gaan verhuren aan de gemeentesecretarissen. Fred van Lang was de laatste gemeentesecretaris die in het huis woonde. Ik hoorde via via dat Fred zou vertrekken naar Purmerend. Ik heb toen de woning kunnen kopen. Bij een eerste inspectie van het huis kwam ik op zolder zulke enorme dikke balken tegen dat ik wel kon raden dat de rest van het huis ook wel stevig gebouwd zou zijn.”
Geschiedenis
Toen Barend in de Vesting van Hellevoetsluis ging wonen, kreeg hij grote interesse voor de geschiedenis van Hellevoetsluis. Zijn grote leermeester in de geschiedenis was Arie van den Ban. “Ik heb zo enorm veel geleerd van Arie. Niet alleen dat. Hij was ook een hele goede vriend. Ik ging naar al zijn lezingen. Ook van Teun Lageweg, Rich van Kralingen en Frank van Herzen leerde ik veel. Van Frank heb ik ook alle boeken. Ik heb heel veel geleerd. Ook door mijn vrijwilligerswerk voor het Droogdok en de Buffel leerde ik veel.” Als fervent watersporter weet Barend natuurlijk veel te vertellen over het ontstaan van de watersportverenigingen in Hellevoetsluis. “We noemen ons hier een watersportstad”, vertelt Barend wat feller. “Als je het dan over de watersport in Hellevoetsluis gaat hebben, moet ik toch wel even Leen de jong noemen. Hij was de directeur van de scheepswerf de Jong. Die was gevestigd waar nu de gekleurde woningen staan in de Vesting. Die man had een vooruitziende blik. Hij wilde namelijk van de werkhaven een watersportcentrum maken. Dat is hem goed gelukt. Hij heeft watersportvereniging Hellevoetsluis en watersportvereniging Helius opgericht. Maar nu weet niemand weer wie Leen de Jong was. Dat is erg jammer. Eigenlijk verdient die man dat er een kade naar hem vernoemd wordt.” De 89-jarige Barend is na een hele lange carrière als vrijwilliger nog steeds actief. “Ik ben begonnen als vrijwilliger bij tennisvereniging United Service. Ik werd daar voorzitter van de sociëteit-commissie. Het eerste bier verkocht ik toen uit een teil, gevuld met ijs. De bar was nog niet klaar. Zo ben ik het vrijwilligerswerk gerold. In 1970 werd ik lid van de watersportvereniging. Ik kon daar natuurlijk niet aan de kant blijven staan. Ik heb ook allerlei functies gehad.” Ook is Barend jarenlang actief geweest als vrijwilliger op de Buffel en bij Fortresse Holland. Bij de Buffel is Barend ondertussen gestopt als vrijwilliger. “Dat werd echt te zwaar”, verzucht hij. In de Buffel moet je heel veel trappenlopen. “Vorig jaar was het erg warm en dan wordt het benauwd in de Buffel. Ik werd helemaal niet lekker. Ik heb toen besloten met dat vrijwilligerswerk te stoppen. Ik word nog wel steeds uitgenodigd als er iets te doen is..” In het droogdok van Fortresse geeft Barend nog steeds rondleidingen. Ook is Barend nog steeds heel actief als opruimer. “Ik ben begonnen met opruimen en kwam onderweg steeds meer opruimers tegen. Nu vormen we een groep als Opruimers Hellevoet.”
Leuke anekdote
Barend heeft als vrijwilliger bij zoveel organisaties en in zoveel functies natuurlijk enorm veel meegemaakt. Als hij een verhaal vertelt over zijn tijd als penningmeester bij de watersportvereniging krijgt hij pretlichtjes in zijn ogen. “Ik moest ik op een gegeven moment de waterstanden van de vereniging opgeven. De watermeter zaten in een soort put. Ik tilde het deksel op en zag alleen maar grote dikke ratten zitten. Ik heb de put meteen weer dichtgegooid. Nu had ik wel een probleem met het doorgeven van de waterstanden. In de boeken zag ik dat mijn voorgangers ieder jaar ongeveer dezelfde cijfers doorgaven. Dat ben ik dan ook maar gaan doen. Na een jaar of vijf wilde ik toch wel een keer die waterstanden weten. Ik heb op de zaak een flesje ammoniawater klaargemaakt van 10%. Dat is echt enorm sterk, in vergelijking ammoniak uit de winkel bevat 4%. Ik gooide dat spul via een gaatje in de put gegooid, weg ratten. Ik kon eindelijk de meterstanden doorgeven. Een week of vier daarna kreeg de vereniging een bedrag bijgeschreven van 25.000 gulden. Ik dacht eerst dat het een vergissing was maar na drie maanden stond het bedrag nog steeds op de rekening. Ik sloot dat boekjaar af met een enorme positieve rekening.”
Over Barend
Barend van Horssen, geboren in Scheveningen, groeide als kleine jongen op in een Den Haag in oorlogstijd. Na een enerverende tijd op de grote vaart besloot hij aan wal te gaan. Hij doorliep een mooie carrière bij Esso als Process Engineer. Voor dat werk kwam hij terecht in een nog heel klein Hellevoetsluis. Als Barend in de Vesting gaat wonen wordt zijn interesse in de geschiedenis gewekt. Barend gaat aan de slag als vrijwilliger. Eerst bij tennisvereniging United Service en later bij watersportvereniging Hellevoetsluis. Vanuit zijn passie voor de geschiedenis van Hellevoetsluis wordt hij ook vrijwilliger bij museumschip de Buffel en geeft hij rondleidingen in het Droogdok. Barend leerde Hellevoetsluis kennen in een tijd dat hij vanuit zijn woonkamer nog uitkeek op een weiland vol koeien. Dat levert mooie verhalen op.

















