
De laatste tram in Hellevoetsluis
HistorieHellevoetsluis - Door een besneeuwd landschap nadert een tram van de Rotterdamse Tramweg Maatschappij (RTM) het Hellevoetse tramstation. Links op de foto staan mensen de tram al op te wachten, wellicht voor een foto van dit historische moment. Want het is de allerlaatste keer dat ze een tram het Hellevoetse station kunnen zien binnenrijden.
Op 14 februari 1966, nu zestig jaar geleden, was het tramstel “Bergeend” van het station Spijkenisse vertrokken voor de laatste rit op de roemruchte railverbindingen op de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden. De rit liep, zoals natuurlijk altijd, langs het toen bekende rijtje stationnetjes. Veel reizigers kenden dat rijtje feilloos uit het hoofd: Spijkenisse, Biert, Zuidland, Ruigendijk, Oudenhoorn, Nieuwenhoorn en tenslotte Hellevoetsluis. Deze allerlaatste rit was om 14.17 uur in Spijkenisse begonnen, en eindigde om 14.51 uur langs het Hellevoetse perron. Genodigden en tramliefhebbers stapten daar voor de laatste keer uit, vergezeld door een enkele, argeloze reiziger die, onwetend van dit historische moment, ook in Spijkenisse in de tram was gestapt. Het was de slotrit op een railnetwerk dat aan het begin van de vorige eeuw over de Zeeuwse - en Zuid-Hollandse eilanden was gesponnen. De tram was toen met enthousiasme ontvangen. Eilandbewoners waren daardoor immers veel minder afhankelijk geworden van de bootdiensten die tot dan in de praktijk het monopolie hadden op het openbaar vervoer van - en naar Rotterdam. Dat ook een tramverbinding niet ideaal was, ervoeren ze pas later. Want al snel ondervonden ze dat er ook aan dit moderne vervoermiddel veel haken en ogen zaten. Zo bleek op tijd rijden vaak een te zware opgave. Bovendien was de tijdwinst op de bootverbindingen, als er tenminste al werd gevaren, ook niet bijzonder de moeite waard. Er was gedurende die zestig jaar “trammen” toch wel heel veel ongemak geweest. Maar ondanks dat alles pinkten sommigen toch wel een traantje weg.















