
Inundatie eiland Voorne
HistorieTachtig jaar geleden - op 4 maart 1944 - begon de Duitse bezetter met het inunderen, ofwel onder water zetten van een groot gedeelte van het eiland Voorne. Doel was het de geallieerden bij een eventuele landing op het eiland zo moeilijk mogelijk te maken.
Voor het gebied dat tot 2023 tot de vroegere gemeente Hellevoetsluis hoorde, betekende dit grofweg dat de polders Nieuw-Helvoet, De Quack, en de Nieuwenhoornse en de Oudenhoornse polders blank kwamen te staan. De hoger gelegen Hellevoetse vesting en een groot gedeelte van het dorp Nieuwenhoorn bleven voor het water gespaard. Al moesten de inwoners van Nieuwenhoorn daar in grote saamhorigheid met spa en kruiwagen grotendeels zelf voor zorgen. De maatregel betekende een ramp voor de bewoners van de aangewezen gebieden. Ze konden er vanzelfsprekend niet blijven wonen, waardoor een grootscheepse evacuatie nodig was. Een aantal inwoners lukte het onderdak te vinden in nabijgelegen gemeenten. Het grootste gedeelte van de bevolking moest echter verder het land in om een dak boven hun hoofd te zoeken. Dat gold ook voor een aantal oud-inwoners van de Hellevoetse vesting dat, door de grootscheepse afbraak daar, nog maar kort daarvoor een nieuw onderkomen in Nieuw-Helvoet hadden kunnen vinden. De inundatie betekende dat ze voor de tweede keer in korte tijd werden verdreven. De onder water gezette dorpen veranderden in spook-oorden.
Niet alleen het water had er vrij spel gekregen (op de foto de Moriaanseweg), ook lieden die op de een of andere manier nog in het ondergelopen gebied waren achtergebleven konden er hun gang gaan. Dat betekende niet alleen schade aan de woningen en bedrijven zelf, maar ook het verdwijnen en vernielen van veel eigendommen. Pas ruim na de bevrijding, in juni 1945, kon de inundatie als geëindigd worden beschouwd en keerden de bewoners weer naar hun woonplaats terug. (Foto: Stadsmuseum)















