
Boerderij
AlgemeenWie kan er in de volop geautomatiseerde veeteelt van tegenwoordig nog een koe met de hand melken? Wie het ooit heeft geprobeerd, weet hoe moeilijk dat is. Goede melkers waren dan ook in de tijd dat er nog geen melkmachines bestonden goud waard.
Het was niet voor iedere boer weggelegd de optimale hoeveelheid melk uit een koe te halen. Daarom deden ze er alles aan om dat toch te bereiken. Dat was ook de reden dat er ruim een eeuw geleden cursussen en wedstrijden werden georganiseerd om de kunst van het met de hand melken, de verzorging van het vee en stallen, en de behandeling van melk van de boer tot aan de fabriek te verbeteren. Boeren die voor die verbeteringen open stonden konden een bezoek aanvragen van de deskundige commissie, waarbij al die punten kritisch werden beoordeeld. De aanbevelingen van de commissie waren niet vrijblijvend. Ze werden later op hun uitvoering gecontroleerd. Behalve de verzorging van het vee zelf, werden veel andere zaken van de melkproductie kritisch beoordeeld. Zoals de verzorging van het melkgereedschap en de omstandigheden in de stallen. Een van de mindere punten op veel boerderijen was in die tijd de kwaliteit van het drinkwater voor het vee. De meeste boerderijen waren, net als veel woningen, nog verstoken van een drinkwaterleiding. Het water moest dan ook uit een put of sloot komen, wat voor de kwaliteit van melk niet altijd bevorderlijk was. Ook de kwaliteit van het melken zelf werd beoordeeld. De kwaliteit van de melker bepaalde in veel gevallen ook het vetpercentage van de melk. En hoe hoger het percentage, des te beter het product voor consumptie en bereiding van andere producten.
Op de foto kijken de deelnemers aan een melkcursus op boerderij De Quackse Stee onder leiding van hun cursusleider tevreden op hun lessen terug. (Foto: Stadsmuseum















