
Lichtschip Noord-Hinder
HistorieLichtschip no. 7, de Noord-Hinder, voorloper van het huidige lichtschip in de Hellevoetse haven, verlaat begin jaren dertig na een grote onderhoudsbeurt de Hellevoetse Rijkswerf. Tijdens die beurt was ook de capaciteit van de radiozender van het schip sterk vergroot. Daarvoor waren nieuwe zendmasten geplaatst van maar liefst 25 meter hoog.
De in 1910 bij Wilton – Feijenoord in Schiedam gebouwde Noord-Hinder zou bij de uitdienststelling – pas in 1964 (!) - kunnen terugkijken op een avontuurlijk en een voor een lichtschip heel gevarieerd dienstverband. Al tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) maakte de Noord-Hinder een woelige tijd mee, waarin Duitse onderzeeboten op de Noordzee veel schepen torpedeerden. Door het steeds verleggen van mijnenvelden moest het lichtschip in die tijd nogal eens van positie veranderen. Tot 1933 waren ze regelmatig te gast op de Hellevoetse Rijkswerf, maar na het vertrek van de werf waren ook de lichtschepen voor Hellevoetsluis verleden tijd. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog lag de Noord-Hinder in Vlissingen, waarna het naar Duitsland verdween. Daar deed het schip dienst op diverse posities. Nadat het schip de oorlog had overleefd en weer in Nederland was teruggekeerd, kreeg het nieuwe motoren en luchtketels en werd het bij Texel gestationeerd. Begin jaren vijftig kwam het weer op zijn vroegere positie bij de Belgische kust terecht, waarna het na een lang dienstverband in 1954 in reserve werd genomen. De inmiddels antieke Noord-Hinder werd in 1964 uit dienst gesteld en in 1965 verkocht.
Op de foto brengt het havensleepbootje ‘Hellevoetsluis 1’ de Noord-Hinder richting Marinebrug. Links op de foto is de vooroorlogse bebouwing van de westzijde van de vesting goed te zien, met de werfmuur en het hoge gebouw dat in de volksmond het “Muizenkasteel’ werd genoemd. Rechts op de achtergrond het pomphuis van het droogdok, nog voorzien van een hoge schoorsteen. (Foto: collectie Rappard/Stadsmuseum)















