
De strijd tegen het water: het Deltaplan
Algemeen 1.082 keer gelezenNederland ligt voor een belangrijk deel onder zeeniveau. Als gevolg van de opwarming van de aarde stijgt het zeewater. West-Nederland daalt langzaam, zodat het water steeds hoger boven het land uitrijst. Zonder dijken en duinen zou 66% van Nederland regelmatig overstromen. Echter, de traditionele dijken voldoen niet meer op alle plekken. Zeventig jaar na de stormvloed die in Zeeland en Zuid-Holland vele slachtoffers eiste is er veel veranderd.
In 1957 nam het parlement de Deltawet aan. De Nieuwe Waterweg en de Westerschelde bleven open, de overige zeearmen in het deltagebied werden volledig afgesloten. Ook werden de zeeweringen op deltahoogte, vijf meter boven NAP bij Hoek van Holland, gebracht. De kans op een overstroming van het deltagebied is daarmee flink teruggebracht. De werkzaamheden startten in 1958 met de bouw van de stormvloedkering in de Hollansche IJssel. Daarna volgden de afsluitingen van de zeearmen. De Zandkreekdam, Veerse Gatdam, Grevelingendam, Volkerakdam, Haringvlietdam en Brouwersdam werden aangelegd. De dam tussen Schouwen en Noord-Beveland kwam er niet. Dit werd de Oosterscheldekering, die in 1986 in gebruik werd genomen. In 1997 werd het project afgesloten met de opening van de Maeslantkering in de Nieuwe Waterweg.
Kering in Hollandse IJssel
In februari 1953 stuwen de storm en het springtij het water in de Hollandse IJssel op tot maar liefst 3,7 meter boven NAP. In de dijken langs de rivier worden twee gaten geslagen, die op tijd gedicht kunnen worden. Een overstroming van Rotterdam, Den Haag, Leiden en Gouda wordt voorkomen. Dit nooit meer en daarom adviseert de Deltacommissie om in de Hollandse IJssel een beweegbare stormvloedkering te bouwen.
Schutsluis
Bij een normale waterstand zijn de schuiven open en passeert bij iedere getijdewisseling vijf miljoen kubieke meter water. Het getij helpt op deze manier het zout in de Nieuwe Waterweg te bestrijden. De scheepvaart heeft vrije doorgang. In 1958 is de kering klaar om de storm te weerstaan. De heftorens voor de tweede schuif zijn dan al klaar, maar de schuif zelf laat tot het najaar van 1976 op zich wachten. De keringsluizen hangen bij een normale waterstand 12 meter boven de rivier. Om grotere schepen doorgang te verlenen, is een schutsluis gebouwd met stalen puntdeuren. In het geval dat de sluis gesloten is, dan is via deze sluis scheepvaart nog altijd mogelijk.
De kering wordt gesloten op het moment dat de waterstand achter de keren, aan de kant van Gouda, boven de 2,5 meter dreigt te komen. Dat komt twee tot driemaal per jaar voor. Tot nu toe is het altijd voldoende geweest om slechts één schuif te laten zakken.















