
Bas van der Linden kandidaat CDA bij de Provinciale Staten verkiezingen
Algemeen 1.105 keer gelezenMeer dan 12 jaar was Bas van der Linden raadslid in Brielle waar hij bekend stond om zijn zorgvuldigheid en zijn dossierkennis. Geboren en getogen op het eiland Voorne-Putten, staat hij nu als enige vertegenwoordiger voor deze eilanden op de lijst van het CDA voor de Provinciale Staten verkiezingen en wil hij er graag voor zorgen dat de belangen van Voorne-Putten niet ondergesneeuwd raken bij de provincie.
Wij ontmoeten hem in zijn drive-in woning in de Brielse wijk Rugge. Tientallen rozetten en bekers in zijn werkkamer laten zien dat zijn hart, naast zijn werk als dierenarts bij de NVWA en tot voor kort zijn raadslidmaatschap, ook nog ligt bij een bijzondere hobby, namelijk het fokken van Welsh pony’s. Daarvoor heeft hij een aantal weitjes in Voorne. Hij kent Zuid-Holland op zijn duimpje, want hij reist hij door een groot deel van Zuid-Holland om veulens te chippen voor meerdere pony stamboeken. Voor zijn hobby steekt hij ook regelmatig over naar Engeland en Wales.
Bas: ‘Met bijna 4 miljoen inwoners is Zuid-Holland de grootste provincie. Wat het allemaal extra uitdagend en ingewikkeld maakt, is dat er hier heel veel bedrijvigheid en verkeer is. Toch weet ik in Zuid-Holland nog zoveel mooie plekken te vinden en is er zoveel mooie natuur. In onze partij heeft zich sinds vorig jaar een kanteling voorgedaan. Er zijn veel jonge mensen bijgekomen en het CDA wil véél meer luisteren naar wat inwoners, bedrijven en het onderwijs willen.
We staan in Zuid-Holland voor veel uitdagingen. Belangrijk zijn goede oplossingen voor de land- en tuinbouw, de bereikbaarheid van de Zuid-Hollandse eilanden, de ziekenhuiszorg, en de bouw van voldoende betaalbare woningen met goed ontsloten wijken. Wat misschien niet iedereen helemaal beseft, is dat de leden van de Provinciale Staten ook nog een andere belangrijke functie hebben. Zij kiezen de leden van de Eerste Kamer. De Eerste Kamer heeft de belangrijke taak om wetten die door de Tweede Kamer zijn aangenomen te toetsen op rechtmatigheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid. Zoals bekend is het met de Wet op de Toeslagen in dat opzicht behoorlijk fout gegaan omdat de Eerste Kamer veel meer politieke besluiten is gaan nemen in plaats van zich op zijn kerntaak te richten. De gevolgen ondervind ik ook in mijn dagelijkse werk waarbij ik veel met (Europese) wetgeving te maken heb.
Mocht ik in de Provinciale Staten komen, dan zou het mijn prioriteit zijn om bij een kandidaat voor de Eerste Kamer als eerste te kijken naar diens capaciteiten om wetten goed te kunnen toetsen. Het zou zelfs kunnen zijn dat ik op grond daarvan niet iemand van het CDA zou kiezen, wanneer er een andere kandidaat zou zijn, die beter is toegerust voor deze functie. Al hoop ik natuurlijk toch dat het een CDA-lid wordt’, grinnikt hij.
Wat ik belangrijk vind? ‘Samen met het CDA wil ik me inzetten voor de bouw van voldoende woningen en voor de leefbaarheid ook in de kleinere dorpen en kernen, en wil ik ervoor zorgen dat als er nieuw gebouwd wordt de Provincie haar toezicht op de gemeente goed uitvoert en dat de infrastructuur op orde is en de wijken compleet zijn. Daar bedoel ik mee dat er in de nieuwe wijk bijvoorbeeld al een huisarts is, er scholen zijn en liefst ook nog een wijkhuis. In Hellevoetsluis staat er een nieuwe wijk gepland met 800 woningen, in Brielle komen er 700 woningen bij. Gezorgd moet worden dat deze goed bereikbaar zijn per fiets, auto of met het openbaar vervoer.
Daarnaast willen we als CDA graag extra fietspaden ontwikkelen. Met de moderne fietsen wordt het overbruggen van 20 tot 25 km naar je werk op de fiets niet als een probleem gezien. Het zou de snelwegen ontlasten. Dat neemt niet weg dat we volop willen inzetten op het verbeteren van de ontsluiting van onze regio, bijvoorbeeld door het doortrekken van de A4-Zuid en het verder verbreden van de N57. Wat het CDA betreft wordt de opening van de bruggen afgestemd op de spitstijden.
De Nederlandse boeren blinken uit door hun efficiëntie en kwaliteit in landbouw, tuinbouw en veehouderij. In overleg met bijvoorbeeld LTO en Natuurmonumenten zou er een goed verdienmodel voor hen ontwikkeld moeten worden voor het landschapsbeheer. Nu is het zo dat boeren daarvoor opdraaien zonder dat zij daarvoor een cent betaald krijgen. De stikstofproblematiek kunnen we niet alleen op conto van de boeren schrijven, zeker niet in Zuid-Holland waar industrie en autoverkeer een substantiële bijdrage leveren. Dat betekent voor ons als CDA dat we ons bij het terugdringen van de CO2-uitstoot en stikstofdepositie zeker ook willen richten op de industrie. Wat we natuurlijk ook belangrijk vinden, is het behouden van de Spoedeisende Hulp post in Dirksland; we zijn pertinent tegen de sluiting daarvan en hebben daarvoor ook aandacht gevraagd bij de Tweede Kamer fractie. We zouden ook graag een SEH in Spijkenisse willen.’















